De tuinbouw is een dynamische, internationale sector waarin producten continu in beweging zijn. Van veredeling en opkweek tot distributie en verkoop: in elke stap tellen identificatie en traceerbaarheid.
Wetgeving zoals het plantenpaspoort vraagt om duidelijke en consistente productinformatie. Tegelijk moeten de oplossingen bestand zijn tegen vocht, reiniging en intensief hergebruik.

Het Europese plantenpaspoort bevat herkomst, soort en traceerbaarheid van planten, en moet het hele traject beschikbaar blijven. Dat geldt ook voor trays, kratten en andere logistieke middelen.
Voor elke drager is een codeer- of etiketteersysteem: zakken met zaden, bloempotten, kunststof kratten, snijbloemen in zakken of transporttrays. Er zijn inkten die zichtbaar blijven als er water over de pot komt, en inkten die afwasbaar zijn als trays opnieuw gewassen worden.

Ze worden vaak ingezet, gewassen en opnieuw gevuld. Variabele informatie zoals klant, partij of bestemming komt er pas laat op, zodat standaard dragers voor elke afnemer bruikbaar zijn.
Zakken met vaste branding krijgen pas later inhoud, batch of klantgegevens. Dat scheelt voorraad en geeft logistieke voordelen.
Bakjes, schaaltjes en folie krijgen houdbaarheid, batchinformatie en logistieke herkenning, net als in de voedingsindustrie.